Veiligheid Primas-scholengroep
Inleiding
Als onderwijsorganisatie achten wij het van groot belang dat ons personeel, onze kinderen en ouders zich veilig voelen in onze leer- en werkomgeving.
De regelgeving omtrent veiligheid wordt steeds aangescherpt. Voor ons aanleiding alles eens op bovenschoolniveau op een rijtje te zetten. Iedere school brengt dit in praktijk op een eigen wijze.
Over het algemeen hebben wij op onze scholen te maken met vriendelijke en beleefde kinderen en ouders. Doorgaans hebben wij niets te klagen.
Via de media zijn we een paar keer opgeschrikt door buitensporig geweld in en rondom scholen. De school is een afspiegeling van de maatschappij. Dit is ook in onze vereniging het geval. De afgelopen jaren is het een aantal keer voorgekomen dat leerkrachten ziek thuis zaten vanwege wangedrag van kinderen. Niet alleen voor de leerkracht maar ook voor de kinderen uit zon groep is dit uitermate vervelend en vaak hebben zij al heel wat doorstaan. Dat is jammer want het geeft een negatieve blik op de basisschooltijd. De kinderen, leerkrachten, slachtoffers of veroorzakers van onveiligheid, hebben geen fijne tijd op de basisschool, terwijl deze tijd het meest bepalend is voor de vorming van je persoonlijkheid op latere leeftijd. Onveiligheid vergt veel energie van alle betrokkenen en gaat ten koste van de totale kwaliteit van het onderwijsleerproces
Veiligheid is dus meer dan veilige speeltoestellen en een brandalarm - de fysieke veiligheid. Een veilige school is een school waar kinderen en volwassenen zich veilig voelen en waar voorkomen wordt dat er gepest of gediscrimineerd wordt de sociale veiligheid.
Wat kan de school nu doen om veilig te zijn en te blijven.
1) Een veilige school is duidelijk in zijn pedagogische overtuiging en handeling. Aandacht en liefde, respect en tolerantie zijn uitdrukking van een gedeelde missie. Dat is niet vrijblijvend! Wie dat weigert hoort niet thuis op de school. Dat geldt voor leerkrachten, ouders en leerlingen.
2) Een veilige school is zich bewust van de noodzaak normen te stellen, gedrag af te spreken en toepassing te verzekeren en te handhaven.
3) Een veilige school realiseert zich dat onderwijs begint met opvoeding. De verantwoordelijkheid van de ouders willen we niet overnemen, maar we kunnen wel regels stellen.
4) Op een veilige school staan de ouders achter het beleid van de school. Dat wordt ook nadrukkelijk van de ouders verwacht!
5) Een veilige school wijst leerkrachten, leerlingen en ouders, behalve op eisen van goed gedrag, ook op hun rechten en plichten.
6) Een veilige school verzekert zich bij de inschrijving van een nieuwe leerling van adequate informatie van de voorafgaande school over diens ervaringen met deze leerling.
7) Op een veilige school staat de directie en bestuur in voor ieders veiligheid.
Hoe ziet een
sociaal veilige school eruit?
Op een veilige school voelen leerlingen zich thuis. Ze komen graag naar school
en voelen zich serieus genomen door de leraren. Leerlingen op een sociaal
veilige school pesten niet, en dragen vanzelfsprekend geen wapens bij zich. De
school tolereert geen discriminatie en seksuele intimidatie. De school heeft een
vertrouwenspersoon, en er is een klachtenregeling. Daarnaast hebben scholen
een pestprotocol of afspraken om pesten te voorkomen. Daar waar nodig werken
scholen samen met schoolmaatschappelijk werk, politie, justitie en jeugdzorg. De
school gaat bestaand sociaal onveilig gedrag tegen, maar voorkomt dat gedrag ook
door een actieve, positieve stimulering van sociaal gedrag. Voorbeelden:
Gedragsregels en onderwijs dat is afgestemd op de wensen en mogelijkheden van
individuele leerlingen. Hierdoor ontstaat een veilig klimaat waarbinnen de
school problemen al in een vroeg stadium kan onderkennen en daarop kan reageren.
Het veiligheidsbeleid van een school is niet alleen bedoeld om leerlingen een
veilige plek te bieden. Ook leraren (en ander personeel) hebben vanzelfsprekend
recht op een veilige omgeving. Geweld tegen leraren is ontoelaatbaar. Agressie
en geweld tegen een leraar wordt gemeld bij het MT. Na overleg worden er daar
waar nodig bovenschools stappen ondernomen.
Uitgangspunten Primas-scholengroep We zijn respectvol, vriendelijk en beleefd tegenover anderen. We gaan zorgvuldig met onze omgeving, onze eigen en andermans spullen om. Wanneer we niet correct zijn geweest tegenover een ander, bieden we daarvoor excuses aan.
Preventie Op al onze scholen wordt gewerkt met de methode Leefstijl, een methode sociaal- emotionele ontwikkeling. Deze methode bevordert het op een plezierige manier met elkaar omgaan en geeft kinderen inzicht in eigen gedrag en dat van anderen. De methode kan ongewenst gedrag (zoals pesten) voorkomen.
Hoe bereikt een
school sociale veiligheid?
De verantwoordelijkheid voor een veilig schoolklimaat ligt primair bij de school
zelf. Zij moeten zorgen voor een veilige (leer)omgeving voor personeel en
leerlingen. Hoe scholen dat doen, bepalen ze zelf. Belangrijk is dat veiligheid
een vaste plek krijgt in het schoolbeleid. Wettelijke maatregelen zijn een
sluitstuk op het veiligheidsbeleid dat de school voert. De onderwijsinspectie
ziet toe op de naleving van de wettelijke regels.
Scholen moeten net als andere bedrijven een veiligheidsplan hebben op grond van
de Arbo-wet. Dat plan gaat niet alleen over fysieke, maar ook over sociale
veiligheid.
Klachtenregeling
Sinds 1 augustus 1998 is op elke school (op grond van de wet Kwaliteitszorg)
een klachtenregeling aanwezig. Deze garandeert een zorgvuldige behandeling van
klachten.
Zowel leerlingen en hun ouders als personeelsleden kunnen een klacht indienen
bij de klachtencommissie, onder andere over gedragingen van het personeel.
Als de klachtencommissie na onderzoek de klacht gegrond verklaart, dan volgt
rapportage en advies naar het schoolbestuur. Het schoolbestuur neemt vervolgens
maatregelen.
Onze klachtenregeling is te vinden op
www.primas-scholengroep.nl
Wat kan een school doen tegen pesten?
Op een veilige school pesten leerlingen niet. Als het toch gebeurt, zijn er
zowel voor scholen, leerlingen als ouders en verzorgers verschillende
mogelijkheden om er iets tegen te doen. Op al onze scholen heeft men een beleid
in het kader van pesten bijvoorbeeld in de vorm van een pestprotocol.
Wetten en
regels
Op 28 juli 1999 is de wetswijziging bestrijding van seksueel misbruik en
seksuele intimidatie in het onderwijs in werking getreden.
De wet bevat een aangifteplicht voor het bevoegd gezag (schoolbestuur) en een
meldplicht voor het personeel bij een zedenmisdrijf. Het gaat in de wet om
strafbare vormen van seksuele intimidatie en seksueel misbruik: zedenmisdrijven,
zoals ontucht, aanranding en verkrachting, gepleegd door een medewerker van de
onderwijsinstelling jegens een minderjarige leerling.
Schoolbesturen die vermoeden dat er sprake is van een geval van ontucht met een
minderjarige leerling door een personeelslid, moeten contact opnemen met een
vertrouwensinspecteur. Als uit overleg met de vertrouwensinspecteur blijkt dat
het een redelijk vermoeden betreft moet het schoolbestuur aangifte doen bij
Justitie. Voorafgaand aan de aangifte, moet de school aan de ouders van
desbetreffende leerling en aan de (mogelijke) dader melden dat tot aangifte
wordt overgegaan. Om de drempel een vertrouwensinspecteur in te schakelen zo
laag mogelijk te houden, heeft deze zelf geen aangifteplicht.
Het personeelslid dat weet heeft van een seksueel misdrijf heeft een
meldingsplicht richting schoolbestuur.
De brochure Seksueel misbruik en seksuele intimidatie in het onderwijs:
Meldplicht en aangifteplicht, licht de wetgeving verder toe.
Hoe gaat een school om met seksuele intimidatie?
Gedragscode
1.
De personeelsleden hebben respect voor de persoon van de leerling. Dit komt tot uiting in de manier
waarop personeelsleden leerlingen benaderen. Goede onderlinge contacten worden gestimuleerd. Pestgedrag van leerlingen wordt actief tegengegaan.
Toelichting
Elke leerling dient behandeld te worden als kind met eigen en unieke talenten. De leerlingen worden geholpen te ontdekken hoe zij hun gaven en verantwoordelijkheden kunnen inzetten in dienst aan God en de naaste. Het omzien naar elkaar is de basis voor leerlingen en personeelsleden bij het bestrijden van pestgedrag, sarcasme, intimidatie, belediging, kleinering, enz.
2.
De personeelsleden zijn bereid in te gaan op een beroep tot hulp aan leerlingen.
Toelichting
Het gaat hier om de bereidheid.
Hulp dient in de brede zin van het woord te worden opgevat: extra uitleg, aanhoren van
hulpvragen, inschakeling van daarvoor bedoelde personen of instanties, enz. Het is beslist niet de
bedoeling tot actieve hulpverlening te verplichten: er zijn grenzen aan wat de school en de
individuele personeelsleden kunnen doen. Die grenzen worden o.a. bepaald door tijd, en
bekwaamheden.
3.
Respect voor elkaar betekent ook erkenning op het recht van lichamelijke en geestelijke integriteit:
niemand heeft recht inbreuk te maken op de persoonlijke sfeer van de ander.
Toelichting
Handtastelijkheden, intimiteiten die niet gewenst zijn of worden en machtsmisbruik, passen daar in
ieder geval niet bij.
Een relatie tussen een personeelslid en een leerling mag geen seksuele lading krijgen.
In dit verband is een klachtenregeling van toepassing. Onze vereniging is aangesloten bij de
landelijke Klachtencommissie.
4.
De personeelsleden vertellen bij het verkrijgen van vertrouwelijke informatie van of over een
leerling aan die leerling op welke manier zij met die informatie omgaan naar anderen: ouders,
schoolleiding, vertrouwenspersoon, vertrouwensarts, medeleerlingen en anderen.
Toelichting
Als personeelsleden informatie hebben ontvangen over misbruik, geweld, criminaliteit of vergelijkbare
zaken, mag de leerkracht deze niet voor zich houden, maar wordt dit gemeld aan de juiste
perso(o)n(en). Vooraf moet de leerkracht dat aan de leerling melden, tenzij daardoor ernstige
schade voor anderen ontstaat, b.v. door wraakgedrag. Bij het doorgeven van vertrouwelijke
informatie aan derden is toestemming van de leerling geen eis. Natuurlijk is het beter als de
leerling ervan overtuigd wordt dat het noodzakelijk is de informatie door te geven.
Bij jonge leerlingen moet afgewogen worden in hoeverre het zinvol is dit ook daadwerkelijk met het
kind te bespreken.
Doelen:
Voordelen:
Wij willen
dat onze scholen een plek zijn waar vooral kinderen, maar ook ouders en
teamleden, zich veilig en gerespecteerd voelen, zichzelf kunnen zijn en er met
plezier naar toe komen.
Zon schoolklimaat wordt gemaakt door de kinderen, de teamleden, de ouders en de
schoolleiding. Dit vraagt van iedereen inzet en de nodige tijd. Hier staat
tegenover dat er geluisterd wordt naar elkaar en dat problemen worden
uitgepraat. Men ervaart steun en belangstelling van de anderen. De goede sfeer
heeft een positieve invloed op ieders functioneren en welbevinden. Kinderen
vinden het fijn om naar school te gaan, leerkrachten hebben plezier in het werk
en ouders vinden het prettig om daar waar het kan en nodig is, hulp te bieden.
We vinden
het belangrijk om op grond van gelijkwaardigheid met elkaar te werken en te
communiceren. Dit impliceert dat betrokkenen: kinderen, ouders en leerkrachten,
serieus genomen worden en dat er geluisterd wordt naar wat iemand te vertellen
heeft ongeacht leeftijd en/of rol.
De sfeer waarin een kind opgroeit, is van groot belang om een volwaardig mens te
worden. Als voorwaarde stellen wij een vriendelijk en veilig klimaat met daarbij
orde en regelmaat.
Van alle
geledingen binnen de scholen, directie, leerkrachten, leerlingen, niet
onderwijzend personeel, ouders, buitenschoolse opvang en stagiaires, wordt
verwacht, dat zij zich houden aan de vastgestelde regels.
1. Gedrag op school
Het streven naar gelijkwaardigheid binnen de school houdt in dat de
volgende gedragingen niet worden getolereerd:
2. Schoolse situaties
3.
Racisme en discriminatie
Wij leven in een land met een multiculturele samenstelling. Dat houdt in dat er
verschillende groepen zijn met hun eigen cultuur. Iedere groep heeft zijn eigen
aard: huidskleur, levensovertuiging, volksgewoonten zoals kleding en voedsel
enz. Dit vraagt van de scholen inzet en aandacht voor een goed pedagogisch
klimaat voor alle kinderen.
Voor ouders van kinderen die onze school bezoeken geldt:
Melding
Wanneer
leerkrachten onheus worden bejegend door bijvoorbeeld grof taalgebruik of fysiek
geweld, wordt dit gemeld bij het bevoegd gezag. Na overleg met de school
onderneemt het bevoegd gezag eventuele stappen.
4.
Privacy
Onze manier van werken brengt met zich mee dat meerdere personen met een bepaald
kind te maken krijgen. Het is goed om de privacy van kinderen en ouders te
beschermen. De leerlingendossiers zijn opgeborgen in een afgesloten kast die
alleen toegankelijk is voor de leerkrachten, de intern begeleider en de
directie. Gegevens over de thuissituatie, medische informatie, gegevens van
hulpverlenende instanties en uitslagen van testen worden als privacygegevens
beschouwd. Degene die deze gegevens heeft gekregen, mag ze alleen binnen school
gebruiken ten dienste van een goede begeleiding van de leerling. Andere, aan
school verbonden personen, kunnen ook over deze gegevens beschikken als dat in
het belang is van het kind. De ouders wordt om toestemming gevraagd om de
gegevens aan derden te verstrekken.
5. Tot
slot
Om op een goede manier te kunnen werken vinden wij het ook belangrijk dat:
Bij zaken, die niet in de gedragscode van onze school genoemd worden, beslist de directie na overleg met het team.
Hoe ziet een
fysiek veilige school eruit?
Een veilige school heeft natuurlijk een goed onderhouden gebouw, waar traptreden
niet los liggen en de inrichting van de lokalen geen gevaar oplevert voor
kinderen. Op het schoolplein staan veilige speeltoestellen.
Leerlingen en docenten weten wat ze moeten doen bij brand en de school oefent
regelmatig het ontruimingsplan. Vluchtwegen zijn vrij van obstakels.
Ook zorgt een veilige school voor regelmatige inspecties van het schoolgebouw en
het schoolplein. De veilige school werkt samen met ouders, GGD, brandweer, de
Arbo-dienst en natuurlijk de gemeente - die per slot van rekening
verantwoordelijk is voor het gebouw.
Wat zijn de wettelijke eisen aan schoolgebouwen?
Scholen hebben te maken met huisvestingseisen uit de volgende regelgeving:
Het Ministerie van OCW vaardigt gιιn richtlijnen meer uit voor voorzieningen in schoolgebouwen. Het vroegere Bouwbesluit van OCW is vervallen in 1997, toen de gemeenten verantwoordelijk werden voor de huisvesting.
Wie is verantwoordelijk voor bouw en veiligheid van scholen?
Scholen uit het primair en voortgezet onderwijs moeten aanvragen voor
huisvesting bij de gemeente indienen. Dat geldt voor zowel openbaar als
bijzonder onderwijs. De scholen moeten aanvragen voor huisvesting bij gemeente
indienen. De gemeente moet procedureel de huisvestingsverordening mogelijk
maken. Het bestuur blijft te allen tijde verantwoordelijk.
Wie gaat dat
betalen?
De gemeente is financieel verantwoordelijk voor de eerste inrichting van scholen
in het primair onderwijs. De scholen zelf krijgen vervolgens van het Rijk een
instandhoudingsvergoeding: geld voor onderhoud en vervanging.
Eisen aan
speeltoestellen
Scholen die speeltoestellen beheren, moeten rekening houden met de wettelijke
regeling 'Besluit veiligheid van attractie- en speeltoestellen'. Dat besluit
stelt onder andere eisen aan het ontwerp, het fabricageproces en aan
onderhoudswerkzaamheden. Jaarlijks worden de speeltoestellen van onze scholen
gecontroleerd door SpeelTop veilig. Naar aanleiding van het jaarlijks
controlerapport worden gebreken verholpen.
De veiligheid
van de accommodatie is de eerste factor in het ontstaan van ongelukken. Het
gedrag van de gebruikers is de tweede factor. Daarom zijn goede afspraken met
het team en de leerlingen onmisbaar.
Afspraken
binnen het team
Ga elk jaar na of de regels voldoen. Zet de bestaande regels op een rij en
bespreekt deze kritisch tijdens een teamvergadering. Vindt iedereen ze volledig,
duidelijk en werkbaar? Verwacht men nog problemen met de naleving ervan? Deze
discussie leidt er niet alleen toe dat iedereen nog eens aan de afspraken wordt
herinnerd, ze blijven op deze manier ook actueel. Denk er aan dat de MR wel moet
instemmen met eventuele beleidswijzigingen.
Afspraken met de leerlingen
De regels kunnen het beste met de leerlingen besproken worden op het moment dat
ze relevant zijn. Bijvoorbeeld aan het begin van een handvaardigheidles (Hoe
hanteer je het gereedschap), of als de klas voor de eerste keer naar de gymzaal
gaat. Zorg er voor dat de regels bekend en duidelijk zijn bij de ouders van de
kinderen, zodat zij erop aan kunnen worden gesproken. Registreer ongevallen en
bijna ongevallen (zie ARBO beleid).
Voorbeelden van regels
Hieronder volgen een aantal voorbeelden van regels.
Schoolplein
Voorbeelden van regels zijn:
Bewegingsonderwijs
Voorbeelden van regels, die de veiligheid tijdens de gymles verhogen:
Ook de vakleerkracht moet er voor zorgen dat de veiligheid tijdens de les wordt gewaarborgd. Goed en voldoende toezicht is daarbij van groot belang. Maar ook de grootte van de groep moet in de gaten worden gehouden. Wettelijk is hier niets over vastgelegd, maar in het bouwbesluit is een norm opgenomen, "een klasse voor bezettingsgraad", waarmee de maximale groepsgrootte wel kan worden bepaald. Voor gymzalen geldt dat een persoon minimaal 8 en maximaal 20 m 2 ruimte moet hebben om te kunnen bewegen.
Schoolreisjes, excursies, buitenschoolse activiteiten
Het moet vooraf voor de kinderen duidelijk zijn wat er
tijdens een schoolreisje gaat gebeuren. Niet alleen moeten ze weten waar ze naar
toe gaan en wat ze gaan doen, maar ook aan welke regels zij zich hebben te
houden en wat ze kunnen doen om een ongeval te voorkomen. Met name het gedrag
van de kinderen bepaalt of een situatie daadwerkelijk gevaar met zich me zal
brengen of niet. Hoe beter ze voorbereid zijn, des te soepeler zal de dag
verlopen. Leg de kinderen tevens uit wat ze moeten doen wanneer ze de groep
kwijtraken. Dit om paniek te voorkomen. Spreek een speciaal, makkelijk
herkenbaar punt in de omgeving (park, speeltuin, etc) af, waar ze naar toe
kunnen gaan om zo weer de groep of een begeleider tegen te komen.
Informeer altijd de ouders wanneer kinderen niet op school
zullen zijn vanwege een uitstapje. Ook al betreft het een bezoek aan een andere
school in verband met sportactiviteiten. Voor reisjes die ver van de school
vandaan zijn is het belangrijk de ouders schriftelijk van alle details op de
hoogte worden gesteld en dat ze tevens schriftelijk toestemming geven dat hun
kind mee mag. Schriftelijke toestemming voor reisjes en excursies kun je eenmaal
regelen aan het begin van de schoolloopbaan van het kind.
Over de volgende punten kunnen de ouders via een brief
worden geοnformeerd:
Betrek de ouders bij de plannen en organisatie van het uitstapje. Vaak kunnen zij over informatie beschikken die handig kan zijn.
Voorbeeldbrief
Geachte ouders / verzorgers,
Als school ondernemen wij regelmatig leerzame activiteiten en uitstapjes (sportevenementen, natuuruitstapjes, museumbezoek etc.). Wij willen dit op een veilige manier doen.
Op reis met kinderen:
Lopend
De school houdt zich aan alle wettelijke regels op dit gebied.
Er is voldoende begeleiding. Er is een mobiele telefoon aanwezig
Met de fiets
De school houdt zich aan alle wettelijke regels op dit gebied.
Kinderen hebben een deugdelijke fiets.
Er is voldoende begeleiding. Er is een mobiele telefoon aanwezig
In autos van ouders en leerkrachten
De school houdt zich aan alle wettelijke regels op dit gebied (autogordels, kinderzitjes, aantal kinderen etc.).
Bestuurders hebben een deugdelijke auto en een inzittende verzekering.
Bestuurders verklaren zich goed te gedragen in het verkeer en veilig te rijden.
Er is een mobiele telefoon aanwezig.
Met de bus
De school houdt zich aan alle wettelijke regels op dit gebied (aantal personen in de bus, gordels etc.)
Er wordt een deugdelijke busmaatschappij ingehuurd en er is een schriftelijk contract.
Bij twijfel over het rijgedrag van de chauffeur: de leerkracht spreekt zich uit!
Er is een mobiele telefoon aanwezig.
Om alles goed geregeld te hebben met betrekking tot de veiligheid van de kinderen, willen wij vragen om uw schriftelijke toestemming voor uitstapjes.
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Ik / wij: . (naam / namen)
Ouders / verzorgers van: .
.
.
.
Verlenen CBS ..
toestemming om bovengenoemd(e) kind(eren)
mee te nemen op uitstapjes te voet, auto, bus of fiets (vanaf groep 4)
Handtekening:
Datum:
Kleding
Zowel
volwassenen als kinderen kleden zich op een manier die voor anderen niet
aanstootgevend is, verder moeten we op een goede manier met elkaar kunnen
communiceren.
Een overzicht:
|
Wat? |
Door wie? |
Frequentie |
|
Veiligheidsbeleid overkoepelend |
Primas |
|
|
Veiligheidsbeleid school |
scholen |
Jaarlijks evalueren |
|
Klachtenregeling |
Primas |
|
|
Regeling schorsing en verwijdering |
Primas In site en schoolgids elke school |
|
|
Regeling ter voorkoming seksuele intimidatie |
Primas |
|
|
Vertrouwenspersoon |
scholen |
|
|
Regeling ter voorkoming discriminerend gedrag |
(NPCS model) |
|
|
Beleid tegen pesten |
scholen |
|
|
School / Gedragsregels |
scholen |
|
|
Vermelding regels in schoolgids |
scholen |
|
|
ARBO beleid |
Primas |
|
|
ARBO plan van aanpak en evaluatie |
scholen |
|
|
RI&E |
Primas |
Eens in de vijf jaar |
|
Controle speeltoestellen op alle scholen |
scholen |
Jaarlijks |
|
Idem logboek bijhouden Incl. notatie bijna ongevallen |
scholen |
|
|
BHV opleidingen |
Primas |
Eens per jaar |
|
Zorg voldoende BHVers |
scholen |
|
|
Ontruimingsplan (incl. oefenen) |
scholen |
|
|
Controle plannen |
MT |
|
|
Meldpunt agressie tegen leraren |
MT |
|
|
Contactpersoon leraren |
MT |
|
|
Spreekuur vertrouwenspersoon voor kinderen |
scholen |
Invulling door school |
|
Inventarisatie aantal pestgevallen / aantal gevallen agressie tegen leraren |
scholen |
Jaarlijks |
|
Probleem signalering |
MT |
Naar bestuur. Indien bestuurlijk relevant |
Schorsing/verwijdering
Artikel 24 en 42a WBO
Regels.
Op onze scholen gelden zogenaamde schoolregels.
U vindt ze terug in deze schoolgids (-kalender).
Regels zijn er om de omgang met elkaar zo goed mogelijk te laten verlopen.
Wanneer u als ouder(s) / verzorger(s) uw kind opgeeft aan een van de scholen van onze vereniging, dan wil dat ook zeggen dat u deze regels accepteert.
Als bevoegd gezag willen wij veilige scholen: een plek waar iedereen vol vertrouwen naar toe kan gaan. Het komt wel eens voor dat een leerling zich ernstig misdraagt.
Omdat het bevoegd gezag haar personeel en de overige leerlingen hiertegen wil beschermen, gelden de volgende maatregelen.
Schorsing
Leerlingen kunnen voor een tijdje van school worden gestuurd.
Dat heet: schorsing.
Bij ernstige misdragingen of wangedrag kan de directeur een leerling na overleg met de groepsleerkracht en de ouders een leerling voor ten hoogste een wιιk schorsen.
In dit geval heeft er dus vooraf overleg plaatsgevonden met de ouders.
Er zijn dan ook vooraf afspraken gemaakt over de duur van de schorsing, de voorwaarden waaronder de leerling weer naar school mag komen en de activiteiten die de leerling tijdens de schorsing moet ondernemen (huiswerk, strafwerk).
De afspraken worden op schrift gezet, gaan naar de ouders, inspectie en leerplichtambtenaar en komen in het leerling-dossier.
Wanneer een leerling zich dusdanig gedraagt dat de lichamelijke of geestelijke
gezondheid van medeleerlingen of personeel van de school acuut in gevaar komt, kan de directeur na overleg met de groepsleraar een leerling onmiddellijk schorsen.
De ouders worden meteen gebeld en verzocht hun kind zo spoedig mogelijk op te komen halen. De directeur licht z.s.m. het MT in.
Tenminste binnen 24 uur na de schorsing gaat de directeur samen met een van de leerkrachten (bij voorkeur niet de groepsleerkracht), namens het bevoegd gezag, een gesprek aan met de ouders en evt. de betreffende leerling. De ouders kunnen hun verhaal doen en er worden afspraken gemaakt over de duur van de schorsing en de voorwaarde waaronder de leerling terug kan komen naar school.
Daarna wordt de groepsleraar op de hoogte gesteld door de directeur.
Het bevoegd gezag wordt direct op de hoogte gebracht.
Van alle gesprekken worden verslagen gemaakt en ondertekend door de directie en de ouders.
Deze verslagen gaan naar de ouders en komen in het leerlingendossier.
Verwijdering.
Meerdere schorsingen kunnen leiden tot definitieve verwijdering van de school.
Een besluit tot definitieve verwijdering wordt door de schoolleiding schriftelijk aan de ouders medegedeeld, met opgave van redenen.
Voorafgaand aan dit besluit heeft de directeur altijd overleg met het MT
Een afschrift gaat naar het bevoegd gezag, de inspectie en de leerplichtambtenaar en komt in het leerling-dossier.
De schoolleiding stelt de ouders in de gelegenheid om zich over de kwestie uit te spreken.
Ouders kunnen de inspectie ter bemiddeling vragen.
Blijft de schoolleiding / het bevoegd gezag bij zijn besluit, dan kunnen de ouders schriftelijk
bezwaar aantekenen.
In dat geval moet het bevoegd gezag binnen vier weken schriftelijk op dat bezwaarschrift reageren.
Wanneer de schoolleiding / het bevoegd gezag nog vasthoudt aan het besluit om de leerling te verwijderen dan kunnen de ouders in beroep gaan bij de rechter.
Het bevoegd gezag / de schoolleiding zal een andere school voor de leerling zien te vinden.
Lukt dit in acht weken niet, dan mag de school de leerling de toegang tot de school weigeren.
Wanneer ouders en school met elkaar in een dergelijke situatie belanden, is het voor de ouders verstandig om zich af te vragen of zelf als ouders een andere school zoeken, niet de beste oplossing is in het belang van het kind.
Tijdens de procedure tot verwijdering kan een leerling worden geschorst.
Wat te doen bij een klacht?
Wegwijzer voor ouders / verzorgers van kinderen
die een van de scholen van de Primas-scholengroep bezoeken
Klagen mag!
Klagen heeft voor veel mensen een negatieve klank.
Het uiten van een klacht kan echter juist bijdragen tot het verbeteren van de kwaliteit van ons onderwijs.
Een goede klachtenregeling
Een klachtenregeling is wettelijk verplicht.
Onze vereniging maakt gebruik van de klachtenregeling van de Besturenraad Christelijk Onderwijs.
De volgende sites kunt u raadplegen:
www.klachtenopschool.kennisnet.nl
Waarover kunt u klagen?
Eigenlijk over van alles, zoals de begeleiding van uw kind(eren), de ouderbijdrage, seksuele intimidatie, veiligheid in het schoolgebouw, de contacten, enz.
Tussen voorval en melding als klacht zit maximaal 4 werkweken.
Probeer zelf de klacht op te lossen!
Probeer bij een klacht eerst het probleem op te lossen met de betrokken persoon of leerkracht en op de plaats waar het probleem zich afspeelt.
Stap 1
De betreffende leerkracht aanspreken.
Een rustig gesprek op een afgesproken moment (dus niet aan het hek of drie minuten voor schooltijd) kan al vaak veel oplossen.
Leidt dit gesprek niet tot een resultaat waar betrokken partijen tevreden over zijn, dan volgt stap 2.
Stap 2
De directeur aanspreken. Een rustig gesprek op een afgesproken moment.
Leidt dit gesprek niet tot een resultaat waar betrokken partijen tevreden over zijn, dan volgt stap 3.
Stap 3
U kunt contact opnemen met het managementteam, dat handelt in opdracht van het bevoegd gezag.
Leidt dit gesprek niet tot een resultaat waar betrokken partijen tevreden over zijn, dan volgt stap 4.
Stap 4
De klachtencommissie.
Klachten op het gebied van seksuele intimidatie: schakel de vertrouwenspersoon in!
Hoe kunt u een klacht indienen bij de klachtencommissie?
Een klacht moet u schriftelijk indienen.
Een korte brief kan voldoende zijn, maar het mag ook uitgebreid.
Lukt dit, om welke reden dan ook, niet, dan kunt u bellen.
U kunt zich richten tot:
p/a Tramstraat 31
4371 BW Koudekerke
pjreijnierse@primas-scholengroep.nl
Postbus 694
2270 AR Voorburg
tel. 070 386197
De klachtenbehandeling is gratis.
Anonieme klachten worden niet in behandeling genomen.
Klachten die veroorzaakt worden door problemen buiten de school en na schooltijd horen in principe niet thuis op school. Wel kan de school (op vrijwillige basis) besluiten een bemiddelende rol op zich te nemen.
Binnen vijf werkdagen ontvangt u bericht van de klachtencommissie, waarin ontvangst van uw klacht wordt bevestigd en waarin de verdere gang van zaken wordt uiteengezet.
In vakantieperiodes zult u wat langer moeten wachten.
Wat doet de klachtencommissie?
De klachtencommissie gaat na wat er aan de hand is en zal zo nodig hoor en wederhoor toepassen. De commissie behandelt klachten en gegevens strikt vertrouwelijk en met grote zorg. De klachtencommissie zal u in de gelegenheid stellen uw klacht schriftelijk of mondeling toe te lichten. Binnen vier tot acht weken nadat u een klacht heeft ingediend, krijgt u hierover bericht van de commissie. Daarin wordt een oordeel gegeven over de gegrondheid van uw klacht. Dit oordeel wordt met redenen omkleed en al dan niet vergezeld van aanbevelingen. Ook degene over wie u hebt geklaagd, alsmede het bestuur / managementteam krijgt ditzelfde bericht.
Het managementteam zal u namens het bestuur binnen een maand volgend op het bericht van de klachtencommissie laten weten of er maatregelen naar aanleiding van de klacht zullen worden genomen. Het bericht van de klachtencommissie fungeert hierbij als (zwaarwegend) advies.
Algemene tips voor de betrokken partijen
Strafbare feiten
Als er sprake is van een strafbaar feit (zoals seksueel misbruik) kunt u daarvan aangifte doen bij de politie zodat er een rechtszaak kan volgen.
De rechter zal in dat geval beoordelen of de dader moet worden bestraft.
De school is bij sommige delicten, zoals seksueel geweld tegen minderjarigen, verplicht aangifte te doen.
De vertrouwenspersoon van de school (zie schoolgids) kan u adviseren welke stappen u kunt ondernemen.
En verder
Aan roddelen doen we niet.
Treed elkaar met open vizier tegemoet.
Roddelen aan het hek wordt toch gehoord of komt via-via op school terecht en geeft dan vaak verstoorde verhoudingen omdat een via-via verhaal vaak verdraaid of vertekend is.
Bij smaad of belediging van de leerkrachten zal de directie niet aarzelen stappen te ondernemen. Dit met ondersteuning van onze jurist van de besturenraad christelijk onderwijs.